Core stability bij atleten: huidige richtlijnen en feiten

core stability

Belangrijkste punten:

  • De meeste trainingsspecificaties niet getest op hun effectiviteit, noch in vergelijking met de specificaties voor belasting die normaal gesproken gebruikt worden voor krachttraining.
  • Tot nu toe hebben trainingsrichtlijnen zich gericht op aanpassingen in het centrale zenuwstelsel (vrijwillige activatie van rompspieren), terwijl aanpassingen van morfologische structuren niet adequaat zijn aangepakt in experimentele studies of reviews.
  • Richtlijnen voor revalidatie bij rugpijn zijn onvoldoende voor professionele atleten.
  • Wij raden het gebruik aan van klassieke krachttrainingsoefeningen, aangezien deze de nodige stimulansen bieden om de gewenste aanpassingen te bekomen.

Inleiding

De afgelopen twee decennia heeft het trainen van de core veel aan belangstelling gewonnen in professionele sporten en vooral omdat het aantal patiënten met rugpijn ook toeneemt. Rugpijn wordt vaak geassocieerd met een zwakke rompspieren, maar dit kan niet de enige reden zijn voor deze symptomen aangezien het niet altijd mogelijk was om een ​​tekort in de kracht van de core te detecteren.

Onderzoek heeft zich geconcentreerd op preventie van letsels en toenemende atletische prestaties. We hebben de richtlijnen voor zogenaamde functionele krachttraining ter preventie van rugpijn geanalyseerd en gevonden dat programma’s vergelijkbaar waren met die voor revalidatie bij rugpijn; Zelfs de argumenten waren identiek. Verrassend genoeg zijn de meeste trainingsspecificaties niet getest op hun effectiviteit, noch in vergelijking met de specificaties voor belasting die normaal gesproken gebruikt worden voor krachttraining.

We analyseren in dit artikel concepten zoals roatiebewegingen en training op onstabiele oppervlakken.

Definities

De termen ‘stabilisatie’, ‘versterking’ en ‘spieractivering’ worden vaak naast elkaar gebruikt alsof ze onafhankelijke doelstellingen vormen binnen training.
Stabilisatie is het resultaat van krachten geleverd door spieren. De activering van de rompspieren en hun contractiële potentieel (spiermassa) produceert die krachten en leidt derhalve tot stabiele en veilige posities van de wervelkolom. Spiermassa is de morfologische basis om te bepalen hoeveel kracht geproduceerd kan worden.

Het volle potentieel van de spier wordt alleen geopenbaard als de spier of verscheidene spieren adequaat worden geactiveerd op een taakspecifieke manier, die intra- of intermusculaire coördinatie wordt genoemd. Daarom is stabilisatie het resultaat van spiermassa en de activatie ervan via het centrale zenuwstelsel (CZS), terwijl versterking betrekking heeft op verbeteringen in krachtproductie.

Vooral binnen sport, maar ook in het dagelijks leven vereist het stabiliseren van de romp krachten die de doelcriteria voor therapeutische interventies ver te boven gaan. We benadrukken dat krachtproductie de basisvereiste is voor stabilisatie van de wervelkolom.

Concepten en bewijsmateriaal

Oefeningen met rotatie van de romp

Een andere bewering gemaakt in het kader van ‘functionele krachttraining’ is de uitvoering van romp-rotatie oefeningen. Het is mogelijk om oefeningen met rotatie van de romp uit te voeren met met onbeweeglijke heupen of met een rotatie van het pelvis. Onafhankelijk van het probleem op vlak van bewegingsuitvoering, lijkt het twijfelachtig of rotatie vanuit de romp, welke hoge krachten in dwarsrichting (= shear forces) veroorzaakt op de tussenwervelschijven, wel rationeel is.

Daarom is in een gecombineerde axiale compressie, torsie en ventraalflexie slechts de helft van de mechanische stabiliteit van tussenwervelsegmenten beschikbaar, wat resulteert in een verhoogd risico op gehernieerde schijven.  Het risico neemt nog verder toe als andere krachten naast rotatiekrachten de wervelkolom beïnvloeden. Helaas is dit bijna altijd het geval, vooral binnen sport. Verschillende auteurs hebben gemeld dat een combinatie van compressie en rotatie in het bijzonder de vezels van de annulus fibrosus in gevaar brengt.

Bijgevolg zou het bewegingsbereik niet verhoogd moeten worden door middel van rotatieoefeningen voor de romp, die de weerstand van passieve weefsels (bijvoorbeeld ligamenten) tegen rotatie vermindert. Daarentegen moeten sporten die een breed gamma aan rotatiebeweging in de wervelkolom (bijvoorbeeld golf) vereisen, als problematisch worden beschouwd.
De belangrijkste taak van de spieren die zorgen voor core stability, is om de rotatiebewegingen zoveel mogelijk te verminderen of in ieder geval te beperken. De integratie van rotatiebewegingen in kracht- en conditietraining is helemaal niet ‘functioneel’ en verhoogt alleen de mogelijkheid op blessures.

Als het noodzakelijk zou zijn om specifiek te oefenen op rotatiebewegingen, dan zouden deze uitgevoerd moeten worden met een aangespannen en ‘vaste’ romp om een ​​rotatie van de wervelkolom te voorkomen. Op die manier kan het bekken draaien tegen hoge belastingen. Vreemd genoeg bevatten beschrijvingen van krachtoefeningen alleen waarschuwingen in verband met een holle rug of lordose. De twee meest gevaarlijke situaties voor tussenwervelschijven – rotatie enerzijds en het uitstrekken van de wervelkolom tegen hoge belastingen vanuit een gebogen positie anderzijds – worden nog vaak aanbevolen, zelfs bij krachttraining en prestatietesten.

Training op onstabiele oppervlakken

Er is GEEN longitudinale studie uitgevoerd om significant verbeteringen vast te stellen in de prestaties van spieren van de core door training op een instabiel oppervlak. Geen enkele studie heeft een superioriteit aangetoond van het trainen op onstabiele oppervlakken in vergelijking met stabiele oppervlakken.

Training

Intensiteit

Verscheidene onderzoeksgroepen hebben gemeld dat hoe onstabieler het oppervlak is bij het uitvoeren van een squat, hoe groter het verlies is in maximale prestatie, dynamische 1RM en maximale bewegingssnelheid. Daarom is het geen verrassing dat in onstabiele omstandigheden de maximale belastingen (ver) onder de gemeten waarden liggen van deze in stabiele omstandigheden. Een combinatie van hoge belastingen met verstoringen, zoals onstabiele oppervlakken, vergroot de kans op blessures.

Soms gaat dit hand in hand met een verminderde activering van de boogde spiergroepen, wat kan impliceren dat de activiteit in de spieren van de core ook verminderd.
In termen van de gewenste fysiologische reacties bij een langdurig trainingsproces, leiden trainingsoefeningen op onstabiele oppervlakken niet tot de gewenste stimuli. In het licht van het gebrek aan bewijsmateriaal om efficiënt aan krachttraining te doen op onstabiele oppervlakken, is het verbazingwekkend hoe vaak het wordt aanbevolen.

‘Specifieke’ en ‘Functionele’ oefeningen

Trainen op onstabiele oppervlakken is ook aangebracht omdat het ons dagelijks leven en sportactiviteiten beter zou nabootsen dan conventionele krachtoefeningen. Nochtans worden dagelijkse activiteiten, evenals de meeste sporten, uitgevoerd op stabiele en niet-bewegende oppervlakken….

 

-EnCORE Coaching – Personal trainer Waasland —

 

Bronnen:

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *